
Preek van de week, zondag 2 november
Voorganger: Ds. A. Hakvoort Een lach en een traan
Tekst van vandaag: Genesis 21 : 1 – 14 en Johannes 8 : 51 – 58
In de kerk lachen we niet zo veel. Dat hoort niet wordt er gezegd. Je ontmoet er God en daar past
alleen eerbied bij.
Je leest ook nergens dat Jezus lachte. Hij zal het ongetwijfeld wel hebben gedaan. Van God lees je
wel, dat Hij lacht. Bijvoorbeeld in Psalm 2, een spottend lachen om hoogmoed van leiders van deze
wereld.
In de tekst geeft God reden tot uitbundig lachen. In de tent van Abraham en Sara was niet veel
gelachen door het verdriet over de kinderloosheid en toen Ismaël kwam, boterde het ook niet meer
tussen Sara en Hagar.
Sara lacht nu van vreugde, waar het eerder schamper lachen was, toen God zei, dat ze een kind zou
baren. Als we de bijbel lezen, komt het op ons mensen ook over, dat beloftes van God belachelijk
zijn. Als de zoon geboren wordt, wordt gezegd: De Heer (niet Abraham) zag om naar Sara en gaf haar
een zoon. Hij gaf haar wat Hij haar had toegezegd. De nadruk ligt hier op de kracht en
betrouwbaarheid van God.
De grote woorden van God botsen steeds op ons ongeloof. Wij denken dat iets niet kan, maar voor
God is niets te wonderlijk. Hij schiep immers de hemel en de aarde en de mensen. Hoe staat het met
ons geloof in de belofte van God en de belofte van Jezus, dat Hij terugkomt?
Als Ismaël spottend lacht om het feest voor Isaac, eist Sara, ondanks dat zij zelf Hagar in het verhaal
heeft betrokken, dat Abraham Hagar en Ismael wegstuurt. Het is onderdeel van Gods plan. Abraham
wil niet, maar moet toch. Het zal een verdrietig moment voor hem zijn geweest.
Jezus verwoordde het zo: Wie zijn vader of moeder liefheeft boven Mij, is Mij niet waard. Het klinkt
als een onmogelijke situatie. Wanneer lachte je voor het laatst omdat de Heer je zo blij maakte?
Wanneer moest je huilen omdat je iets moest loslaten, dat je niet wilde loslaten?
Kijk in het archief kerkdiensten om de hele kerkdienst te kijken en te beluisteren.