Preek van de week, zondag 22 mei

Home Blog Berichten Preek van de week, zondag 22 mei

Exemple

Preek van de week, zondag 22 mei

Voorganger: Ds. D. Visser, Ben ik een leerling van Jezus

De tekst van vandaag: Johannes 14 : 1 – 6 en 15 – 24

Sommigen mensen hebben een hekel aan Hemelvaart. Dat zien ze als de dag dat Jezus ons verliet.

We hebben dan wel de Heilige Geest gekregen, maar je zou zo graag met Jezus zelf willen praten. Mensen kunnen zo eenzaam zijn als ze God en de Heilige Geest niet in hun leven ervaren.

Jezus zei bij Zijn Hemelvaart: “Ik laat jullie niet als wezen achter. Je mag een kind zijn van de Hemelse Vader. Ik ga een plek voor jullie inruimen en dan kom ik terug.” Toen Jezus werd de deur naar het huis van de Vader wijd opengezet.

In het huis van de Vader is ook tijdens ons leven ruimte te over. Als je in Jezus gelooft dan bèn je een kind van de Vader en mag je bij Hem wonen. Dan ben je uit de Geest geboren. Jezus is altijd op zoek naar wezen om hun bij de Vader te brengen. Als je door dat evangelie gegrepen bent, kun je niet begrijpen, dat er mensen zijn, die denken, dat ze Jezus niet nodig hebben. Eigenlijk kun je zeggen dat deze mensen hun Vader kwijt zijn en Jezus brengt hun terug bij Hem.

“Als dat gebeurt, zullen Mijn Vader en Ik bij je komen en in je wonen.”

Wij mogen wonen in het huis van de Vader, maar de Vader woont ook in ons.

In het leven hebben wij een opdracht. De Heilige Geest leidt ons om deze opdracht uit te voeren en Gods geboden te doen. Als je van God houdt, geef je je ook graag aan Hem. Dat kan alleen als je leeft in afhankelijkheid van Hem en Hem voortdurend vraagt om sturing in je leven.

Hemelvaart maakt de leerlingen en ons niet armer, maar juist rijker. Voorheen was Jezus alleen in Israël, maar nu is de Geest overal. Als je de liefde van Jezus kent, ben je levenslang niet eenzaam meer. Je bent een kind van de Hemelse Vader.

Kijk in het archief kerkdiensten om de hele kerkdienst te kijken en te beluisteren.

Tekst van de dag

Draag de rijken van deze wereld op niet hoogmoedig te zijn en hun hoop niet in zoiets onzekers als rijkdom te stellen, maar op God, die ons rijkelijk van alles voorziet om ervan te genieten.